- Auto's & Motoren
- Boeken, CD's & DVD's
- Cadeaus & Gadgets
- Casino
- Computers & Software
- Dating
- Dieren & Planten
- Electronica
- Erotiek 18+
- Eten & Drinken
- Financieel
- Games & Spelletjes
- Gratis & Prijsvragen
- Health & Beauty
- Huis, Tuin & Wonen
- Internet & Hosting
- Kinderen & Ouders
- Kleding
- Mobiel & Telecom
- Sport & Vrije Tijd
- Uitgaan
- Vakantie & Reizen
- Warenhuizen
- Werk & Opleiding
- -----------------------------
- Programma details
Veelgestelde vragen
Begrippenlijst
Begrippenlijst
|
AdSense. Het contentnetwerk van Google's AdWords-programma. Websitebeheerders (webmasters) kunnen advertenties hiervan opnemen.
Adverteerder. Merchant. Webwinkels die banners en tekstlinks beschikbaar stellen aan een affiliate netwerk. Deze advertenties kunnen door de aangesloten publishers (affiliates, webmasters) op een website of in een nieuwsbrief worden geplaatst.
AdWords. Advertentiesysteem van Google waarmee advertenties naast de zoekresultaten kunnen worden vertoond, evenals op websites die gebruikmaken van het advertentiesysteem van Google als aanbieder.
Affiliate. Webmaster of publisher. Een beheerder van een website die deelneemt aan een affiliate programma om via een advertentie op de eigen site een commissie voor doorgestuurde bezoekers te ontvangen.
Affiliate link. Link naar de website van de adverteerder waarbij een speciale code in de link is verwerkt. Hiermee kan het netwerk zien dat de bezoeker van de site van de webmaster afkomstig is.
Affiliate netwerk. Mediabureaus. Het hebben van een netwerk van affiliates die door de adverteerder worden beloond voor bijvoorbeeld de geleverde bezoekers of verkopen. Voorbeeld van een netwerk is TradeTracker of M4N.
Affiliate programma. Partnerprogramma. Advertentie campagne waarbij de vergoeding aan de webmaster wordt toegekend per goedgekeurde transactie die via de advertentie gerealiseerd wordt.
Anchor tekst. Tekst waarmee een link verbonden is. Bijvoorbeeld: <a href=http://www.google.nl>De meest gebruikte zoekmachine!</a>. In dit voorbeeld is de anchortekst: "De meest gebruikte zoekmachine!".
Auto-responder. Programma of script dat op een mailserver zorgt voor het automatisch beantwoorden van binnenkomende e-mail met een van tevoren opgestelde tekst.
Banner. Een grafische reclame-uiting op het internet. Door op een banner te klikken wordt een pagina geopend waar meer informatie over het geadverteerde te vinden is.
Blackhat. Blackhat is het gebruikmaken van niet door zoekmachines toegestane technieken om een site hoger te krijgen in de zoekresultaten van die zoekmachines.
Breadcrumbs. Een weergave in hyperlinks van de positie in de sitestructuur waar de bezoeker zich op dat moment bevindt.
Cloaking. Content beschikbaar maken voor zoekmachines die door gewone bezoekers niet kan worden gezien, of andersom.
Conversie. Het moment waarop een bezoeker overgaat tot een vooraf vastgelegde actie.
Conversieratio. De verhouding tussen het aantal bezoekers en het aantal conversies op een website, uitgedrukt in een percentage (bijvoorbeeld 8 op de honderd doet een aankoop: conversieratio = 8 procent).
Conversietracking. Het via diverse technieken vergaren van gegevens over de conversies en conversieratio's.
Cookie. Een klein tekstbestand dat, afhankelijk van de computerinstellingen, automatisch wordt geïnstalleerd op de computer van een sitebezoeker. Het onthoudt bezoekersgegevens, zodat bij een volgend bezoek opgeslagen instellingen worden weergegeven.
Cookietijd. Instelling die bepaalt hoe lang een cookie actief blijft.
CPC. Cost Per Click. Je betaalt alleen voor een sitebezoeker die op de advertentie heeft geklikt en naar jouw site geleid wordt. Je betaalt dus niet voor een vertoning.
CPL. Cost Per Lead. Alleen wanneer een sitebezoeker daadwerkelijk resulteert in een aanvraag via de site, betaalt de opdrachtgever.
CPM. Cost Per Mille. Kosten per duizend views van een banner. Je betaalt dus per duizend vertoningen.
CPS. Cost Per Sale. Alleen wanneer een bezoeker daadwerkelijk resulteert in een verkoop via de site, betaalt de opdrachtgever.
CSS. Cascading Style Sheets. Codering voor de vormgeving van de inhoud van een webpagina, die met HTML is gedefinieerd.
CTR. Click Through Ratio. Percentage van bezoekers dat klikt op een link of advertentie.
Datafeed. Bestand waarin de gehele of gedeeltelijke inventaris van een webwinkel is opgenomen. Webmasters kunnen datafeeds gebruiken om vanuit hun pagina's te verwijzen naar alle producten die in het databestand zijn opgenomen.
Deep linking. Het linken naar content die niet is weergegeven op de homepagina, maar dieper in de website te vinden is.
Duplicate content. Aanzienlijke stukken tekst die binnen één of meerdere URL's exact gelijk zijn of heel erg op elkaar lijken.
eCPC. effective Cost Per Click. Vaak gebruikt door adverteerders. Gemiddelde kosten van de sales en lead uitgaven van 1000 clicks. Stel je levert 3.000 clicks in een maand. Je inkomsten als webmaster in die maand zijn: € 100 aan clicks en € 350 aan leads dus € 450 totaal. Jouw eCPC van die maand is dan: € 450 / 3.000 clicks = € 0,15. Dit betekent dat je gemiddeld € 0,15 per click verdient.
eCPL. De opbrengst of uitgave per lead, een bepaalde geregistreerde actie van een bezoeker (bijvoorbeeld het invullen van een formulier). Dit getal wordt terugberekend door de totale inkomst of uitgave van de leads te delen door het aantal leads.
eCPM. Op basis van de views, clicks en/of leads gegenereerde omzet terugberekend naar kosten (adverteerder) danwel opbrengsten (webmaster) per 1.000 views. E-mailmarketing. Het promoten van producten en diensten met behulp van e-mail.
Eyetracking. Het registreren van oogbewegingen met een computer, met als doel gebruikersinformatie over een website te bemachtigen. |